Adamo Scultori (Ghisi), Deliberatio Omnium Difficillima (De moeilijkste van alle beslissingen), 1547–87. Hercules op het kruispunt met vrouwelijke personificaties van Deugd en Ondeugd. Collectie Metz, open gallery.
Goed nieuws: de Engelse vertaling van mijn boek Curlingkinderen is eindelijk af! Voor ik doorga met mijn volgende project, wil ik graag nog één fragment van het boek delen, uit het hoofdstuk dat in mijn ogen één van de mooiste is.
Maar eerst wil ik graag een voorproefje geven over mijn volgende boek, dat gaat over een heel ander maar vergelijkbaar onderwerp:
Protocolpooiers en Regelrukkers Hoe bureaucratie de menselijkheid uit de verzorgingsstaat heeft geslagen
Wat er gebeurt als regels belangrijker worden dan mensen.
Artsen die protocollen volgen. Ambtenaren die regels toepassen. Rechters die precedenten opzoeken. Zelden zijn ze zich nog bewust van de mensen achter de formulieren en regeltjes, laat staan dat ze nadenken over de gevolgen van hun handelingen. Als de procedures maar goed gevolgd zijn, is er tenslotte geen eigen verantwoordelijkheid. Fouten liggen aan het systeem, nooit aan de uitvoerders.
Allemaal dachten ze hun werk efficiënter te maken door alles te standaardiseren en de menselijke factor te elimineren. In werkelijkheid hebben ze zichzelf irrelevant gemaakt - vervangbaar door machines die hun geautomatiseerde werk sneller en beter kunnen doen.
Dit boek onthult hoe onze verzorgingsstaat is verworden tot een bureaucratische machine waarin mensen zijn gereduceerd tot casenummers en professionals tot lopende-band uitvoerders. Door de ogen van een MS-patiënt die al zeven jaar lang opbokst tegen het systeemfalen - van zorg tot belastingdienst, van gemeente tot rechtspraak - krijg je een scherpe analyse van hoe protocoldenken de menselijkheid uit onze sociale voorzieningen heeft geslagen.
Een confronterend verhaal over de werkelijke staat van onze sociale voorzieningen en hoe we door zelf weer te gaan nadenken onze menselijkheid kunnen terugwinnen.
Terug naar Curlingkinderen. Zoals hierboven ook al een beetje duidelijk werd, ben ik in de afgelopen jaren ernstig gehandicapt geraakt. Vanuit dat perspectief heb ik inmiddels ook vele malen mogen ervaren hoe het voelt om tegen een systeem te boksen dat je per definitie onderschat, niet serieus neemt, denkt dat je dom bent, je alles uit handen probeert te nemen en staat voor te kauwen hoe jij volgens hen je leven moet leiden. Ik ken de vooroordelen, ken de meelijkwekkende blikken, ken de zelfgenoegzaamheid van mensen die roepen dat het allemaal zo erg is, terwijl ze zelf niet de gevolgen dragen. Maar door mijn eigen reis, heb ik wel iets belangrijks ontdekt. In het dealen met onrecht en tegenslag heb je twee keuzes: of je geeft alles en iedereen de schuld en zwelgt in zelfmedelijden, of je zet je tegenslag om in bouwstenen om met elkaar een betere samenleving te bouwen. Ik kies voor het laatste.
Vanuit dat perspectief ben ik ook anders gaan kijken naar hoe wij momenteel omgaan met zaken als seksueel grensoverschrijdend gedrag en racisme. In mijn ogen zijn we vast komen te zitten in wat ik noem het slachtofferperspectief.
Waarom we meer op onszelf en minder op regels moeten vertrouwen
“Ik kreeg waar ik om vroeg, maar wat ik vroeg was niet wat ik wilde.”
Die aanpak lijkt vooral te draaien om elkaar schuldgevoelens aan te praten, om alle verschillen te onderdrukken en om alles wat ons van elkaar onderscheidt weg te poetsen. Als we maar lang genoeg individuele keuzes weghalen bij burgers, alles tot in het kleinste detail standaardiseren en overreguleren om elke natuurlijke ongelijkheid gelijk te trekken, dan kunnen we wellicht allemaal hetzelfde worden. Maar als elke unieke en individuele eigenschap moet wijken voor het collectieve belang, verliezen we dan niet ook onze menselijkheid?
Ik geloof dat er een andere weg is, die samengevat kan worden in slechts één woord: respect.
Dit is wat ik denk dat we moeten overwegen:
1. Voorbij erfschuld
Een van de grootste obstakels die ons meer verdeelt dan samenbrengt is het fenomeen van de erfschuld. Ik begrijp waarom dit concept bestaat, waarom de mensen vandaag nog steeds erkenning zoeken voor het leed dat hun voorouders is aangedaan. Maar het meezeulen van deze erfschuld brengt ons niet verder. In plaats daarvan houdt het ons alleen maar vast in het verleden.
Er is geen discussie over wat er tijdens vier eeuwen slavernij is voorgevallen: de massaal gedwongen verplaatsing van mensen over de halve wereld, de mishandelingen, afranselingen, uithongering, verkrachtingen en talloze moorden. Het was een enorm onrecht toegebracht aan miljoenen en adequate compensatie voor het aangebrachte leed heeft nooit plaatsgevonden. Dit zijn feiten die we allemaal kunnen erkennen.
Echter, de afwezigheid van herstel creëert niet automatisch wat sommigen een 'witte schuld' noemen. Voor zo'n schuld moet er individuele verantwoordelijkheid zijn. Dit veronderstelt twee zaken: ten eerste, dat álle witte mensen betrokken waren bij slavernij. Ten tweede, dat morele verantwoordelijkheid overdraagbaar is tussen generaties. In mijn ogen zijn beiden aannames incorrect en bereiken ze precies het tegenovergestelde.
Ja, ons koningshuis, de West-Indische Compagnie, rijke handelaren en plantage-eigenaren waren zwaar betrokken bij de slavernij. Maar zij vertegenwoordigden slechts een klein deel van de bevolking. Het gros van de gewone mensen had geen betrokkenheid bij slavernij en behaalde er ook geen financieel voordeel uit. Je kunt hen verwijten dat ze zich er niet tegen hebben uitgesproken, maar creëert stilte alleen al schuld? Als dat zo is, hoe schuldig zijn wij dan vandaag omdat we niet vechten tegen elke onrechtvaardigheid om ons heen? Het antwoord onthult waar we in essentie allemaal mee worstelen: we hebben maar een heel klein stukje van onze eigen levens onder controle - waar we onze aandacht op vestigen, de aannames die we maken, de gedachten die we vervolgens vormen en de handelingen die daaruit voortvloeien. Al het andere, hoe goed onze bedoelingen ook zijn, verandert niets.
Nog verontrustender vind ik de erfzonde-theorie dat schuld net als erfgoed van generatie op generatie doorgegeven kan worden. Dat wij mensen vandaag verantwoordelijk gaan houden voor zaken die vóór hun geboorte hebben plaatsgevonden. Moeten kleinkinderen boeten omdat hun grootvaders fout zaten? Deze redenering heeft geen juridische basis, maar belangrijker nog: ze faalt moreel. Wanneer je iemand beoordeelt op de daden van hun voorouders in plaats van hun eigen karakter, zie je het individu niet - je projecteert alleen maar je eigen grieven. Ironisch genoeg is dit precies wat racisme doet: mensen beoordelen op hun uiterlijk in plaats van dat je de individu erachter ziet.
Deze focus op het verleden drijft ons verder uit elkaar in plaats van dat het ons samenbrengt. We kunnen het verleden niet veranderen of recht doen aan mensen die al lang dood zijn. We kunnen alleen leren en vooruitgaan.
Want voor de meesten van ons biedt het leven vandaag genoeg uitdagingen, ongeacht de kleur die onze lichamen dragen. Onze verantwoordelijkheid ligt in hoe we die uitdagingen samen aangaan. Verantwoordelijkheid nemen voor gebeurtenissen van voor onze tijd brengt ons niet verder. Verantwoordelijkheid nemen voor onze acties vandaag wel. Gisteren is geweest. Vandaag is alles wat we hebben.
2. Succes opbouwen door verdienste
Als we willen dat iedereen kan slagen ongeacht waar ze vandaan komen, moeten we kijken naar wat echt werkt: talent, doorzettingsvermogen en karakter. Niet naar hokjes en quota.
Ik snap de intentie achter diversiteitsbeleid en de oprechte zorgen over ongelijkheid. De ironie is echter, dat we met quota’s en diversiteitsmaatregelen precies hetzelfde doen als wat we proberen te bestrijden: we kijken nog steeds alleen naar de buitenkant.
De essentie van racisme is dat je een ander mens beoordeelt op de kleur van zijn huid. Het maakt niet uit welke huidskleur die persoon heeft; je kunt jezelf antiracistisch, inclusief, liberaal noemen, wat je maar wilt. Wanneer je iemand beoordeelt op zijn exterieur en niet op zijn interieur, dan ben je racistisch bezig. Zo komt het in ieder geval op mij over.
Dat betekent dat we allemaal op bepaalde punten racistisch gedrag vertonen. Omdat we allemaal generaliseren, allemaal onze eigen smaak hebben, allemaal discrimineren. En voor een groot deel is dat oké. We hoeven niet met iedereen bevriend te zijn, we willen zeker niet met iedereen het bed delen. We hebben allemaal onze voorkeuren, onze eigen achtergronden en ervaringen. Het probleem ontstaat wanneer groepsdenken het overneemt en we gaan veroordelen. Wanneer we consequenties gaan verbinden aan ons denken, wanneer we mensen gaan uitsluiten of juist naar voren schuiven omdat wij denken dat ze het zelf niet kunnen.
Racisme of antiracisme geeft alleen de denkrichting aan. Beiden starten in mijn ogen vanuit dezelfde basis: dat iemand door zijn huidskleur niet intelligent of capabel genoeg is om de gewenste functie op eigen kracht te bereiken. De racist sluit je buiten, de antiracist ‘helpt’ je aan een positie die je nog niet hebt verdiend terwijl ze tegelijkertijd hun geweten sussen. Hoe het ook zij, het gaat nooit over jou.
Naar mijn mening biedt meritocratie de beste kansen om racisme te overwinnen. Om huidskleur en andere irrelevante kenmerken lost te laten en simpelweg te kijken wie het beste past bij de functie. Om gewoon voor excellentie te kiezen en op intelligentie en bekwaamheid te selecteren. Om mensen als individuen te behandelen, in plaats vertegenwoordigers van hun demografische groep. Om mensen op hun karakter te beoordelen, hun talenten en hun vaardigheden in plaats van op zaken waar ze toch niets aan kunnen veranderen.
Critici zullen beweren dat meritocratie geen gelijke uitkomsten zal opleveren. Maar wat voor gelijkheid zoeken we eigenlijk? Gelijke vertegenwoordiging van talent of gelijke vertegenwoordiging van demografie? Het eerste creëert welvaart. Het tweede leidt eerder naar middelmatigheid.
Echte diversiteit ontstaat vanzelf als je breed zoekt en de beste kandidaten kiest zonder vooringenomenheid in welke richting dan ook. Geen enkele groep heeft het monopolie op intelligentie en excellentie. Ware diversiteit ontstaat door selectie op verdienste, niet door kunstmatige demografische quota's.
3. Leren van geschiedenis zonder erin te leven
Wanneer we ervoor kiezen om echt samen te leven in plaats van het verleden ons te laten verdelen, moeten we onszelf afvragen: hoe kunnen wij de geschiedenislessen blijven herinneren zonder gevangenen te worden van het verleden?
In dat kader wil ik graag een prachtige quote van meesterschrijfster Robin Hobb delen die ons een belangrijke wijsheid meegeeft:
"Het probleem is niet dat we het verleden vergeten. Het probleem is dat we het te goed onthouden. Kinderen herinneren zich het onrecht dat vijanden hun grootvaders aandeden en geven de kleindochters van de oude vijanden de schuld. Kinderen worden niet geboren met herinneringen van wie hun moeder heeft geslagen, hun grootvader doodde of hun land stal. Die haat wordt hen nagelaten, onderwezen, ingeademd vanaf de dag dat ze worden geboren. Als volwassenen hun kinderen niet de haat zouden inprenten die zij van hun ouders hebben geërfd, misschien zouden we het dan beter doen.”
Dit legt de zere vinger op iets wat we zelden bespreken: het verschil tussen de geschiedenis herinneren en actief de wonden openhouden. Veel zwarte kinderen groeien op met slavernijverhalen die hun vanaf de wieg worden ingeprent. Ze erven niet alleen de kennis, maar ook het emotionele trauma wordt doorgegeven alsof het hun eigen ervaring is. Ik kan echt begrijpen waarom veel zwarte mensen zoveel haat en woede voelen naar hun voorouders' onderdrukkers. Maar het punt is: niemand kan het gewicht van andermans trauma van jouw schouders tillen, als het in de eerste plaats al niet jouw trauma is om te dragen.
Laten we wit privilege in deze context ook opnieuw bekijken. Hoewel sommige rijke witte families misschien leven zonder significante tegenspoed, is voor de meesten van ons het leven net zo uitdagend als voor ieder ander. Misschien is het echte witte privilege wel dat witte kinderen meestal worden opgevoed zonder deze erfenis van historisch trauma. Wat zou er gebeuren als we zouden stoppen met het belasten van zwarte kinderen op deze manier?
Ik pleit er absoluut niet voor dat we het verleden vergeten. Als we vergeten, herhaalt de geschiedenis zich. Maar als we te intens herinneren, als we trauma institutionaliseren en doorgeven als erfgoed, dan transformeert de geschiedenis slachtoffers in daders. Kijk naar hoe trauma Israëls behandeling van zijn buren vormgeeft sinds de Holocaust. Kijk naar hoe de erfenis van apartheid het ANC-beleid richting blanke boeren in Zuid-Afrika beïnvloedt. Trauma dat geïnstitutionaliseerd wordt en generaties lang wordt doorgegeven, geneest niet - het zaait uit, het vermeerdert, tot alles onder een verstikkende laag van haat is bedolven.
In mijn ogen creëert dit ook een tragische ironie die ik niet onbesproken wil laten: de meest effectieve barrières voor zwarte vooruitgang lijken soms meer van binnenuit te komen. Er zijn veel succesvolle zwarte mensen - en dan bedoel ik echt niet alleen de acteurs, zangers of atleten. Uit wat ik heb waargenomen, ondervinden zij die proberen voorbij het slachtofferdenken te komen de hardste kritiek van hun eigen gemeenschappen. Ze worden uitgescholden als verraders, Uncle Toms, Bounty's of Oreo's. Ze zijn "niet zwart genoeg" of "blank van binnen." Zelfs hier op Substack zie ik hoe moedige zwarte stemmen die zich uitspreken tegen slachtofferschap door hun eigen gemeenschap worden beantwoord met hatelijke commentaren over hun afkomst, vergezeld van oude foto's van lynchpartijen. Maar het ding is: als je niet kan vergeten, niet kan vergeven, zal je ook niet verder komen.
Zolang zwarte gemeenschappen op deze wijze tegen hun eigen successen aankijken, zal elk diversiteitsbeleid of witte schuld geen zoden aan de dijk zetten. Je kunt mensen niet vooruithelpen die zichzelf tegenhouden. Maar er is hoop: de slavernij behoort tot het verleden - het wordt tijd om ook de onzichtbare ketens los te laten.
Geniet van het volgende fragment uit Hoofdstuk 15 van Curlingkinderen:
“Een groot deel is waar, weet je. Witte mannen hebben in het verleden vele wandaden begaan. En wat ze hebben gedaan is onvergeeflijk. Maar degene die die wandaden hebben begaan, zijn al heel lang dood. Zij kunnen niet meer hun excuses daarvoor aanbieden of gestraft worden. En zelfs als dat kon, zou dat ongedaan maken wat zij gedaan hebben? En is dat een reden om nu, vandaag, nog krampachtig vast te houden aan wat ooit was?”
Kitty zwijgt. Ze zit op haar handen, naar voren gebogen. Een traan drupt op haar benen.
“Ik weet het niet,” fluistert ze.
“Ik weet het ook niet,” zegt Joris zacht. “En wraak heeft blijkbaar ook niets opgelost, want na drieëntwintig jaar haat iedereen in de Vrije Naties ons nog steeds. Wanneer is het genoeg?”
De stilte die valt is zwaar beladen. Kitty schuifelt met haar voeten.
“Nooit,” fluistert ze. “Het zal nooit genoeg zijn. En wat de Vrije Naties vervolgens doen in de naam van gerechtigheid, zal jullie alleen maar reden geven om ons te haten en wraak te nemen.”
Joris ontspant zijn schouders. Een warme glimlach verschijnt op zijn gezicht.
“Zo denk ik er ook over. Hoe ver je ook teruggaat, er is altijd wel iemand geweest die de ander overheerste. Voordat witte mannen slaven vanuit Afrika naar Noord- en Zuid-Amerika gingen vervoeren, hielden de Afrikanen al eeuwenlang hun eigen slaven. En voor die slavernij voerden witte mannen kruistochten tegen islamitische overheersers tot ver in Noord-Afrika. En daarvoor hebben de Moren eeuwenlang Zuid-Europa overheerst en werden de noordelijke landen geteisterd door Vikingen en Hunnen. En daarvoor hielden de Romeinen het grootste deel van Europa en Noord-Afrika in hun greep. En daarvoor overheersten de Grieken de Romeinen.”
Joris spreidt zijn armen.
“En daarvoor heb ik geen idee, maar ik betwijfel of het er vreedzamer aan toeging. Ik denk niet dat we ooit verder zullen komen door oeverloos te blijven twisten, wie vroeger de meeste misdaden heeft begaan. Als je het mij vraagt, ligt de oplossing in de toekomst, niet in het verleden.”
Nou zit er nog een bijzonder onderwerp verstopt in dit hoofdstuk, maar die laat ik over aan de gelukkige lezer!
Bent u het eens met mijn werk? Dan zou ik het geweldig vinden als u mij helpt een groter publiek te bereiken door mijn artikelen te delen. Wilt u mijn initiatief steunen, koop dan vooral mijn boek Curlingkinderen en steun mijn missie om zoveel mogelijk mensen te inspireren de regie over hun leven weer in eigen hand te nemen!





Collectieve schuld is bij uitstek een kenmerk van totalitair gedachtengoed. Denk aan de 'Sippenhaft' van nazi-Duitsland, de bestraffing en verbanning van complete families in Noord-Korea, het uitmoorden van koelakken onder het communisme, de moordpartijen tijdens Grote Sprong Voorwaarts en de daarop volgende Culturele Revolutie in China. Dat waren allemaal regimes die zich 'progressief' noemden en waar tegenwoordig weer mee gedweept wordt door linkse mensjes waar Jesse Klaver graag me op de foto gaat. Dan moet ik nog het regime van Pol Pot vermelden dat mensen in kampen opsloot omdat hét kenmerk van een klassenvijand het dragen van een bril was. Een bekend Nederlands politicus is nog steeds helemaal épaté van Pol Pot naar het schijnt.
Die hele slavernij discussie is een manier om geld in stichtingen te stoppen en aalmoezen uit te delen aan sieluge mensjes waardoor roomboterblanke Gerda's zich verheven kunnen voelen. Denk in de trant van Emma zoals uit de gelijknamige roman van Jane Austen. Tot welke absurde situaties dit kan leiden heeft onlangs Jet Bussemaker aangetoond. Bestuurder van een stichting die voor 25 miljoen Joods cultureel leven mag stimuleren en bestuurder van een stichting die Joods cultureel leven verbiedt. Amerikaanse zwarten noemen dat 'keeping the n..... on the plantation'. Wij kennen het als; hou ze arm, hou ze dom.